grotere letterskleinere letters

U bent hier: home > olvparochie > boxmeer

St. Petrus-basiliek - BOXMEER

De St Petrus-basiliek is sinds 1 september 2011 de kerklocatie van de Onze Lieve Vrouwe Parochie in Boxmeer.

Boxmeer heeft een rijke geschiedenis. Oorspronkelijk heette het dorp Mere. In de tweede helft van de 13e eeuw werd dit te leen gegeven aan Jan Boc de Mere. De naam van deze heer werd aan die van het dorp verbonden: Boc's Mere werd Boxmeer.

Boxmeer
Rond Boxmeer zijn uit de Romeinse tijd sporen van bewoning bekend; de Romeinse heerweg Nijmegen-Maastricht liep over dit gebied. Uit stukken is bekend dat in de tweede helft van de 13e eeuw de (dan nog) graaf van Gelre het dorp Mere in leen gaf aan een zekere Jan Boc de Mere; deze woonde op het dan al bestaande kasteel. Langzaam maakte Boxmeer zich los van de invloed van het Land van Cuijk en Gelre, terwijl het ook onafhankelijk van het hertogdom Brabant wist te blijven: Boxmeer werd een vrije heerlijkheid.

Dat bleef het ook toen het omliggende Land van Cuijk in Staatse handen viel; Boxmeer werd een enclave waar de katholieke godsdienst vrij uitgeoefend mocht worden. Dit betekende ook het behoud van de jaarlijkse Heilige-Bloedprocessie, Boxmeerse Vaart, een bedevaartsprocessie die sinds begin 15e eeuw gehouden wordt.

Het eigendom van Boxmeer ging over op de heren van den Bergh, nog later op die van Hohenzollern-Sigmaringen. Pas in 1797 (Bataafse Republiek) werd Boxmeer gevoegd bij wat nu Noord-Brabant heet. Daarbij werd het dorp Sint Anthonis van Boxmeer losgemaakt; de nieuwe gemeente moest klein beginnen.

Het Parochiesecretariaat is gevestigd in de van Sasse van Ysseltstraat 8 in Boxmeer.

De Sint-Petrusbasiliek (officieel de Basiliek van Sint-Petrus en -Paulus) is een rooms-katholieke kerk in het centrum van Boxmeer en dateert uit de jaren vijftig van de 20e eeuw.

St Petrus-basiliekDe historie van deze kerk gaat terug tot het jaar 1000. Daarmee is de kerk de oudste parochiekerk in het Land van Cuijk. De Petruskerk was toen een eenbeukig romaans zaalkerkje met toren en rechtgesloten koor. Later werd deze vervangen door een gotische kerk in baksteen, die bekend stond om zijn fraaie netgewelven. Omstreeks 1870 werd deze kerk in neogotische stijl uitgebreid.

In 1944 werd de oorspronkelijke kerk door oorlogsgeweld verwoest; de restanten ervan werden onverhoeds gesloopt in 1946. Architect van de huidige kerk was de Vughtenaar Hendrik Willem Valk. In het interieur van de kerk is nog meubilair uit de vroegere kerk te vinden en ook in de crypte zijn nog resten van de voormalige romaanse en laatgotische kerken te vinden, zoals de marmeren graftombe voor graaf Oswald II van den Bergh en zijn gemalin uit 1741, vervaardigd door Jan-Baptist Xavery.

De kerk bezit een eikenhouten oksaal (zangzolder) van Jan Werkens uit 1634. Dit in Renaissancestijl uitgevoerde oksaal is de enige die in Noord-Brabant overgebleven is. Het doorstond de oorlogsverwoestingen. Op de ballustrade zijn de wapens aangebracht van graaf Albert van den Bergh en zijn echtgenote. Ook zijn op het oksaal beelden geplaatst van de heiligen: Agnes, Catharina, Lucia, Barbara, een vrouwelijke heilige met Quirinusschild, en Maria Magdalena.

Op de ballustrade zijn laatgotische beelden te vinden, namelijk die van Sebastiaan, Jacobus de Meerdere, Jacobus de Mindere, en Antonius Abt. De beide Jacobsbeelden zijn van de hand van Heinrich Douvermann en stammen uit het begin van de 16e eeuw. Ook zijn er bijzondere beelden, zoals een piëta uit de 16e eeuw, een Heilige Maria met Heilige Anna uit de 16e eeuw, een beeld van de Heilige Cornelius uit de 15e eeuw en een Mariabeeldje (Onze Lieve Vrouwe ter Peer) uit de 15 eeuw. De moderne gebrandschilderde ramen zijn van Eugène Laudy, en in de Bloedkapel zijn ramen van Luc van Hoek.

In 1952 werd de kerk plechtig ingewijd door de toenmalige bisschop van 's-Hertogenbosch.

Verheffing tot basiliek

Bij gelegenheid van 600 jaar Boxmeerse Vaart is per pauselijk decreet van Joannes Paulus II de Petruskerk sinds 25 juni 2000 verheven tot Basilica Minor. Vanaf dat moment veranderde de naam in de St. Petrus-basiliek.

De titel Basilica Minor stamt uit de tweede helft van de 18e eeuw. Aan de toewijzing van de titel zijn verscheidene voorwaarden verbonden. Zo moet een kerk historische waarde hebben en moet het bouwwerk deel uitmaken van een druk bezochte bedevaartplaats. Met de Vaart waaraan mensen deelnemen tot in de verre omgeving, is aan die belangrijke voorwaarde voldaan. Verder heeft zwaar gewogen dat de heilig verklaarde Titus Brandsma in Boxmeer gewoond en gewerkt heeft.

Als eretekenen gelden het conopeum (een tentachtig scherm dat vroeger priesters moest beschutten tijdens processies), het tintinnabulum (een staf met een bel, waarmee jaren geleden de komst van de processie werd aangekondigd) en een eigen apart wapenschild dat aan de gevel van de basiliek is aangebracht. In het conopeum zijn acht wapenschilden verwerkt, waaronder het wapen van paus Joannes Paulus II, dat van het bisdom Den Bosch, dat van de gemeente Boxmeer en een speciaal wapen met onder meer een afbeelding van de kelk van het Heilig Bloed.

 
First Previous Pause Next Last
Slideshow speed: 5 seconds
 
IMG 3846
 
 

 

01 Blijf hier met mij waken.docx_470
 

In de crypte onder de kerk vond rond 1400 het zogenaamde Bloedwonder plaats. Deze gebeurtenis maakte van Boxmeer een bedevaartplaats.

De crypteIn de kerk bevindt zich een kostbare reliekschrijn van het Heilig Bloed. Sinds het begin van de 15e eeuw tot aan de dag van vandaag trekt elk jaar twee weken na Pinksteren een processie, de Vaart genaamd, door de straten van Boxmeer om het Bloedwonder te herdenken.

Deze bloedprocessie is inmiddels van grote sociaal-culturele betekenis met tienduizenden bezoekers van heinde en verre tot gevolg. De Boxmeerse Vaart is in 2012 als één van de drie eerste Nederlandse tradities opgenomen op de Nationale Inventaris(lijst) Immaterieel Cultureel Erfgoed.

De overlevering verhaalt dat een priester twijfelde aan de omzetting van brood en wijn in lichaam en bloed van Christus. Het bloed bruiste over de kelk en een druppel bleef op de corporale (witte doek) achter nadat de priester zijn fout erkende. Dit doek is bewaard gebleven en opgeborgen in de zilveren reliekschrijn en wordt in de Boxmeerse Vaart meegevoerd.

Eeuwenlang is er zeer veel over de Vaart gepubliceerd in binnen- en buitenland. Officiële documenten werden opgemaakt, rond 1582 vernietigd door een bezetter en in 1631 opnieuw geformuleerd. Meer tastbare bewijzen van brede waardering liggen vast in onder andere de oude vergulde draagkist, daterend uit 1482 en in vele oude kunstschatten zoals een gouden draagkist 1656 en fraaie 19e eeuwse processielantaarns gemaakt door Boxmeerse edelsmeden.

Bekijk de fotoreportage van Frans van der Heijden:

01-Hoek_Steenstraat_van_Sasse_van_Ysseltstraat_DSC_7575b_470
 

Vaartprocessie zondag 18 juni 2017

Traditiegetrouw trekt ook dit jaar weer de eeuwenoude processie door de straten van Boxmeer. De voorbereidingen zijn inmiddels weer in volle gang.

We roepen de jeugd op om zich via de scholen op te geven om mee te doen. Vraag aan je ouders/grootouders wat het inhoudt en wat er van je wordt verwacht. Als echte Boxmerenaren hebben ze wellicht in hun jeugd ook meegelopen. Leuk om samen oude foto’s te bekijken!

Wil je meer info, ga dan naar www.boxmeersevaart.nl .

Stg. Comité Boxmeerse Vaart

 

 

Geloofsweg Samen


home | archief startpagina | disclaimer | print deze pagina | omhoog